Ana SayfaMealler › S.Keyzer
SK

S.Keyzer

S.Keyzer
S.Keyzer meali ile okumaya başla
Kaf 1 / 45
1
Kaf Bij den glorierijken Koran;
S.Keyzer 50:1
2
Waarlijk, gij verwondert u, dat een prediker uit hun midden, tot hen is gekomen, en de ongeloovigen zeggen: Dit is eene wonderlijke zaak.
S.Keyzer 50:2
3
Nadat wij dood en tot stof zullen wezen, zullen wij in het leven terugkeeren. Dit is een ver van de gedachte verwijderde terugkeer.
S.Keyzer 50:3
4
Nu weten wij wat de aarde van hen verteert, en wij bezitten een boek dat ons daarvan onderricht.
S.Keyzer 50:4
5
Maar zij beladen de waarheid met leugen, nadat de eerste tot hen is gekomen; daarom zijn zij in een verwarde zaak gestort
S.Keyzer 50:5
6
Zien zij niet op, tot den hemel boven hen; en overwegen zij niet, hoe wij dien verheven en opgetooid hebben, en dat daarin geene gebreken zijn?
S.Keyzer 50:6
7
Wij hebben ook de aarde uitgespreid, en daarop vastgewortelde bergen geworpen, en wij doen elke schoone soort van planten daarop voortspruiten.
S.Keyzer 50:7
8
Als een onderwerp ter overweging, en eene vermaning voor iederen mensch, die zich tot ons wendt.
S.Keyzer 50:8
9
En wij zenden den regen als eene zegening van den hemel neder; waardoor wij tuinen doen voortspruiten en het graan dat men oogst.
S.Keyzer 50:9
10
En de rijzige palmboomen met takken vol dadels, die boven elkander hangen.
S.Keyzer 50:10
11
Als een voorraad voor den mensch. Wij verkwikken daardoor een dood land; zoo zal de opstanding der dooden uit hunne graven wezen.
S.Keyzer 50:11
12
Het volk van Noach, en zij die te Al Rass woonden, en Thamoed en Ad en Pharao beschuldigden de profeten van bedrog voor de bewoners van Mekka.
S.Keyzer 50:12
13
Alsmede de broeders van Loth
S.Keyzer 50:13
14
En de bewoners van het woud nabij Midian en het volk van Tobba; die allen beschuldigden de profeten van bedrog; daarom werden de vonnissen, waarmede ik dreigde, hun rechtvaardig opgelegd.
S.Keyzer 50:14
15
Is onze kracht door de eerste schepping uitgeput? daar zij verbaasd zijn, omdat hun eene nieuwe schepping is voorgesteld: namelijk de opwekking der dooden.
S.Keyzer 50:15
16
Wij schiepen den mensch en weten wat zijne ziel hem influistert, en wij zijn hem nader dan zijne strotader.
S.Keyzer 50:16
17
Als de twee engelen welke hij afvaardigt, om rekenschap te vragen van het gedrag van een mensch, dit verrichten, terwijl de een aan de rechter- en de andere aan de linkerhand zit.
S.Keyzer 50:17
18
Uit hij niet een woord, of er is een bespieder bij hem, gereed om het op te schrijven.
S.Keyzer 50:18
19
En de bewusteloosheid des doods zal in waarheid komen: dat is, o mensch! wat gij getracht hebt te ontgaan.
S.Keyzer 50:19
20
En de trompet zal klinken: dit zal de dag zijn, waarmede gedreigd werd.
S.Keyzer 50:20
21
En iedere ziel zal komen; en bij haar zal een geleider en een getuige zijn.
S.Keyzer 50:21
22
En de eerste zal tot den ongeloovige zeggen: Gij waart vroeger achteloos omtrent dezen dag; maar wij hebben uwen sluier van u afgenomen, en uw gezicht is heden helderziende geworden.
S.Keyzer 50:22
23
En zijne makkers zullen zeggen: Dit is wat gereed is, verklaard te worden.
S.Keyzer 50:23
24
En God zal zeggen: Werp elken ongeloovige en ieder verdorven mensch in de hel.
S.Keyzer 50:24
25
En iedereen die het goede verbood, en iederen zondaar en twijfelaar omtrent het geloof;
S.Keyzer 50:25
26
Die een anderen god naast den waren God oprichtte. Doe hem eene gestrenge marteling ondergaan.
S.Keyzer 50:26
27
Zijn makker zal zeggen: O Heer! ik heb hem niet verleid; maar hij verkeerde in eene groote dwaling.
S.Keyzer 50:27
28
God zal zeggen: Twist niet in mijne tegenwoordigheid, nu ik u vooraf heb bedreigd met de martelingen, welke gij thans voor u ziet gereed gemaakt.
S.Keyzer 50:28
29
Het vonnis is niet bij mij veranderd; even weinig behandel ik mijne dienaren onrechtvaardig.
S.Keyzer 50:29
30
Op dien dag zullen wij tot de hel zeggen: Zijt gij vol? en zij zal antwoorden: Moet er nog iets bijgevoegd worden?
S.Keyzer 50:30