1
Waarover ondervragen zij elkaar?
2
Over de geweldige mededeling
3
waarover zij het oneens zijn.
4
Nee toch, zij zullen het weten!
5
Nog eens, nee toch, zij zullen het weten!
6
Hebben Wij niet de aarde tot een wiegebed gemaakt
7
en de bergen tot tentpinnen?
8
Wij hebben jullie in paren geschapen.
9
Wij hebben jullie slaap gemaakt om uit te rusten.
10
Wij hebben de nacht gemaakt als een omhulling.
11
Wij hebben de dag gemaakt voor de levensbehoeften.
12
Wij hebben boven jullie zeven hechte [hemelen] gebouwd.
13
Wij hebben een schitterende lamp gemaakt.
14
En Wij hebben uit de regenwolken water in stromen laten neerdalen
15
om daarmee graan en planten voort te brengen
16
en dichtbegroeide tuinen.
17
De dag van de schifting is een afgesproken tijd,
18
de dag waarop op de bazuin geblazen wordt. Dan zullen jullie in groepen komen
19
en wordt de hemel geopend en hij is een en al poorten.
20
En de bergen worden in beweging gezet en zijn als een luchtspiegeling.
21
En de hel is een hinderlaag,
22
waar de onbeschaamden naar terugkeren,
23
waar zij voortdurend zullen blijven.
24
Zij zullen daarin noch koelte noch iets om te drinken proeven,
25
maar gloeiend water en etter,
26
als een passende vergelding.
27
Zij verwachtten geen afrekening
28
en zij loochenden Onze tekenen herhaaldelijk.
29
En alles hebben Wij opgesomd in een boek.
30
Proeft dan; jullie bestraffing wordt alleen maar erger.
Sonraki 10 ayet →